Ik loop langs bij mijn ouders.
Drukke dag gehad en nog een hele lijst af te werken.
In mijn hoofd ramt een drummer op de grote trom.
In de ingemaakte kast in de gang
huist nog steeds de apotheek.
Eรฉn lade met medicatie.
Eรฉn met verband en zalfjes.
Het is lang geleden dat ik ze nog heb opengetrokken.
Vroeger had je nog een sectie:
hoofd, hoest, hart, huid.
Nu liggen de doosjes op en door elkaar,
als speelgoed na een kinderfeestje.
Mijn moeder hoort me zuchten en roept vanuit de keuken:
โJa, dat is voor het geval dat
papa terug last krijgt,
de huisarts het terug voorschrijft,
of jullie iets nodig hebben zoals nu.โ
Mijn oog dwaalt over de doosjes.
Ik zie voorhistorische verpakkingen.
Vervaldata die al lang gepasseerd zijn.
Een kuur die halverwege gestopt is,
maar voor de zekerheid bewaard.
Mijn moeder is helaas niet alleen.
Kerkhoflades duiken overal op.
Ze zijn niet onschuldig.
Het zijn bergen vergif in huis.
Ze geven een vals gevoel van veiligheid
en vergissingen zijn gauw gebeurd.
Als jij die lade straks opendoet: wat doe jij eerst?
Rommelen tot je vindt wat je zoekt,
of er al รฉรฉn ding uithalen dat er niet meer hoort?
Vraag nu een gratis kennismakingsgesprek
